Samen met de Euregio, waarom?

Maastricht ligt in een Euregio die cultureel zeer rijk en verscheiden is. Hierin schuilt tegelijk de kracht en de kwetsbaarheid.

Maastricht heeft binnen Nederland, maar ook binnen de grensoverschrijdende Euregio onmiskenbaar een unieke kwaliteit. De stad ligt op het raakvlak van een ‘noordelijk’ besef van efficiency, rationaliteit en engagement enerzijds en een ‘Latijnse’ bereidheid tot relativering, het ‘Carpe Diem’ en het hanteren van de menselijke maat anderzijds. Je zou dit het ‘dubbelkarakter’ van Maastricht kunnen noemen. De stad weet deze ogenschijnlijk onverenigbare kwaliteiten op een unieke wijze met elkaar te verenigen: de historische en specifieke regionale identiteit van de stad wordt consequent verbonden met nationale en Europese ontwikkelingen.

Eigen identiteit

Dit bewust ‘bespelen’ van verschillende schalen past Maastricht niet op de laatste plaats toe op cultureel gebied. Sinds jaar en dag kent Maastricht een volstrekt eigen regionale culturele identiteit en tegelijkertijd bezet Maastricht een bijzondere culturele positie op nationaal niveau. Maastricht is de stad van de Heiligdomsvaart, carnaval, het Preuvenemint, een bloeiend verenigingsleven op (volks)cultureel gebied en natuurlijk de historische binnenstad. Maar Maastricht herbergt ook een groot aantal culturele instellingen en kunstopleidingen, die een belangrijke rol spelen binnen de Nederlandse culturele infrastructuur: conservatorium, kunstacademie, toneelacademie, kunstencentrum Marres, operagezelschap Opera Zuid, toneelgezelschap Het Vervolg en het symfonieorkest LSO. Er zijn aansprekende culturele festivals zoals Musica Sacra en de Nederlandse Dansdagen en musea als Bonnefanten en het Spaans Gouvernement trekken een breed publiek.

Naast de professionele kunstbeoefenaars zijn in de stad veel amateurs actief op het terrein van (volks)cultuur en kunsten. Via een structuur van culturele carrières wordt de actieve wisselwerking tussen profs en amateurs bevorderd en de cultuurbeleving in de buurten versterkt.

Kracht en kwetsbaarheid

Maastricht is geen eiland in cultuurland, maar ligt ingebed in een Euregio die zelf cultureel zeer rijk en verscheiden is. Hierin schuilt tegelijk de kracht en de kwetsbaarheid: de landsgrenzen en de verschillende talen, smaken en stedelijke culturen hebben in de voorbije eeuwen voor een geheel eigen kleur en beleving gezorgd. Toch is er veel wat ons bindt met de steden Aken, Luik, Hasselt, Sittard-Geleen en Heerlen. Genoeg om samen vooruit te kijken naar de kansen om in 2018 mét de Euregio Culturele Hoofdstad van Europa te worden.

Cultureel DNA van de steden

Elke stad heeft geheel eigen kwaliteiten en maakt vaak eigenzinnige keuzes, gestoeld op het eigen culturele DNA. Een overzicht. Heerlen en Sittard-Geleen, de twee zustersteden in Zuid-Limburg, werken hard aan een eigen cultureel profiel. Heerlen is een stad van buurten, en het hart van Parkstad. Het is ook een jeugdige stad en Heerlen wil kraamkamer zijn voor jong talent, dat vervolgens uitvliegt. Maar Heerlen heeft ook ingezet op community arts en fiks geïnvesteerd in nieuwe of uitgebreide culturele voorzieningen zoals Schunck-Glaspaleis of de schouwburg. Er gloort, met boeiende festivals als Cultura Nova, een nieuwe culturele lente in de stad. Sittard-Geleen werkt sinds enkele jaren ook hard aan het wegwerken van achterstanden in culturele infrastructuur en speelt zijn kleine schaal – de menselijke maat – nu uit als troef. ‘Stadscultuur’ wordt de drijfveer en in het bijzonder de jongerencultuur wordt gekoesterd.

Over de grens

Over de grens wordt Maastricht omringd door drie sterke steden, die elk op hun eigen wijze de grenspositie invullen. Aken kan bogen op een rijk verleden en speelt Karel de Grote uit als boegbeeld van de Europese ambities. Er is een groeiende creatieve economie en de stad heeft een belangrijk potentieel van jong talent binnen de muren. De keuze om vooral grensoverschrijdend te programmeren en de eigen bevolking erbij te betrekken, kenmerkt elke actie van de stad.

Ook Luik is trots op haar rijke culturele erfgoed en beleeft een renaissance. Maar meer nog dan een paradijs voor monumentenliefhebbers is het een stad met een fijnmazig netwerk van zeer actieve culturele organisaties. Verenigingen en festivals die bovendien de sociale dimensie van kunst en cultuur centraal stellen. Luik investeert zwaar in vernieuwde en nieuwe culturele infrastructuur, met onder meer het historisch museum Le Grand Curtius en een nieuw theater. Hasselt profileert zich met succes als hoofdstad van de smaak, heeft ingezet op verjonging en versterking van het kunstvakonderwijs, maar mist nog de bindende kracht voor theatermakers en beeldend kunstenaars. Toch wordt ook hier geïnvesteerd in nieuwe voorzieningen en wordt internationale samenwerking gezocht.

Versterking van de culturele infrastructuur

Maastricht kiest in dit landschap voor een dynamische koers als stad van culturele carrières. Een stad waarin alle aspecten van een culturele loopbaan aanwezig zijn, en bovendien een biotoop waar amateurs en professionals evenwaardig naast elkaar tot ontplooiing kunnen komen. Ondanks de dreigende bevolkingskrimp gaat de stad voor een versterking van de culturele infrastructuur en zoekt ze heel bewust de samenwerking met de instellingen van over de grens op.