Bureau Buurtgericht Werken

Buurtgericht werken, de naam zegt het al: inspanningen gericht op buurten. Bureau Buurtgericht Werken zag het levenslicht in de jaren zeventig, toen werd begonnen met inspraak. Buurtcomités spraken met de gemeente en bouwverenigingen over stadsvernieuwing.

In de jaren tachtig verschoof de aandacht van stadsvernieuwing naar sociale vernieuwing. Vanaf dat moment werd volop geëxperimenteerd met buurtbeheer. Midden jaren negentig deed het grotestedenbeleid (GSB) haar intrede, beleid gericht op het oplossen van buurtproblematiek. Toen het GSB begon lag de aandacht in eerste instantie bij het opknappen van buurten (fysiek) maar al doende groeide het besef dat er ook aandacht nodig was voor sociale en economische problemen. Ook werd steeds meer duidelijk dat problemen alleen in goede samenwerking opgelost kunnen worden.

Bureau Buurtgericht Werken krijgt vanaf die periode haar huidige vorm. Het Maastrichtse stadsbestuur wil met buurtgericht werken een nieuwe impuls geven aan de aandacht voor de vraag van de burger.

Waarom die nieuwe impuls?

Maastrichtse ambtenaren hebben steeds meer ervaring in het communiceren met burgers. Waar voorheen vooral werd gewerkt vanuit de eigen ambtelijke verantwoordelijkheid (het vervangen van het riool, het beveiligen van een verkeerssituatie, de aanleg van een speelvoorziening etcetera) wordt nu veel pro-actiever gereageerd. Werd buurtgericht werken voorheen gestuurd door het reageren op klachten, tegenwoordig wordt veel meer vanuit een preventieve hoek geopereerd. Buurtgericht werken wil, als dat binnen de mogelijkheden ligt, voorkomen dat een klacht ontstaat. En dat vergt georganiseerd ‘luisteren naar elkaar’ en ‘praten met elkaar’. Met andere woorden: interactieve communicatie.

Hoe is Bureau Buurtgericht Werken georganiseerd?

Maastricht is verdeeld in vijf stadsdelen. Ieder stadsdeel heeft een stadsdeelleider, werkzaam bij het Bureau Buurtgericht Werken. Deze stadsdeelleider regisseert de samenwerkingsprocessen tussen enerzijds de gemeente en anderzijds de buurtplatforms, de woningcorporaties, politie, welzijnsinstelling Trajekt, etcetera. Alle inspanningen zijn gericht op een verbetering van de leefbaarheid in de buurten.

Samenwerking komt tot stand in onder andere de wijkteams. Hier worden vraag en aanbod samengebracht. Op de agenda staan zaken die bijvoorbeeld te maken hebben met het onderhoud van groen of de aanleg van een speelplek. Maar ook de veiligheid in een buurt kan op de agenda staan.

Hoe vindt overleg plaats?

Wijkteams overleggen in de buurten. Ze zijn de belangrijkste schakel in de buurt. Dat gebeurt meestal aan tafel. Maar er gebeurt meer. Als het nodig is, worden buurtschouwen gehouden. Buurtbewoners en ambtenaren gaan dan de straat op. Overdag, maar met hetzelfde gemak ook in de avonduren.

Het overleg in wijkteams wordt voor een deel bepaald door de dagelijkse gang van zaken in een buurt. Maar dat niet alleen. De agenda wordt ook bepaald door zogenoemde stadsdeelprogramma’s. De stadsdeelprogramma’s 2009/2010 zijn in twee delen uitgebracht. Deel een bestaat per stadsdeel uit een uitgebreide activiteiten- en projectenlijst van Servatius, Woonpunt, Maasvallei, politie, Trajekt en gemeente voor de komende twee jaar. Deel twee bevat de buurtprofielen en buurtagenda’s van alle buurten in de stad. Deze profielen en agenda’s zijn gebaseerd op de resultaten van de stadspeiling en buurtpeiling. Een keer in de twee jaar wordt onderzocht wat erin de Maastrichtse buurten leeft. In gezamenlijk overleg met buurtpartners wordt vervolgens op basis van de resultaten een profiel en een agenda opgesteld.

Hoe krijgt buurtgericht werken nog meer vorm?

Wie een klacht heeft, kan terecht bij het GemeenteLoket. Uw klachten worden doorgesluisd naar ambtenaren die de klacht/ het probleem kunnen verhelpen. Ook de stadsdeelleider houdt de klachten die het meldpunt bereiken in de gaten, want ze geven een beeld van wat er in een bepaalde buurt leeft.

In een tweewekelijks ambtelijk overleg, het zogenaamde Sprint, worden kleine ergernissen besproken. Op die manier kan buiten de gebruikelijke kanalen snel en adequaat worden gereageerd op urgente problemen.

Buurtbewoners organiseren zich veelal in buurtplatforms en buurtraden. Deze platforms worden door de gemeente gezien als vertegenwoordigers van buurten. De gemeente ondersteunt deze platforms financieel middels ‘Geld voor de buurten’. Organisatorisch door de opbouwwerkers van de welzijnsinstelling Trajekt.

Om de relatie tussen de buurten en het gemeentebestuur te verstevigen kent ieder stadsdeel sinds 2006 ook een stadsdeelwethouder. Deze wethouder bezoekt zijn stadsdeel geregeld en is bestuurlijk verantwoordelijk voor de processen die in de buurten georganiseerd worden. Ook het voltallige college gaat met enige regelmaat op werkbezoek in de buurten.

Daarnaast is er een convenant ondertekend door burgemeester en wethouders en het buurtkader, waarin afspraken zijn vastgelegd over buurtgericht werken.

De aanpak van elf bijzondere buurten

In een aantal buurten zijn de problemen groter en complexer dan in andere. Waar de problemen groter zijn is meer en intensievere aandacht nodig. In die buurten, en dat zijn er in Maastricht elf, worden buurtontwikkelingsplannen opgesteld. De plannen komen tot stand in nauwe samenwerking met buurtbewoners en buurtpartners. De plannen zijn gericht op het versterken van de buurt op zowel fysiek als sociaal en economisch niveau. De organisatie is in handen van projectmanagers van het gemeentelijk ontwikkelingsbedrijf. In de buurten Itteren en Borgharen wordt het kleinkernenbeleid uitgevoerd.